Het uitsterven van de bijen

Bijen zijn de meest belangrijke bestuivers van fruit- en groetengewassen, bloemen en planten. Meer dan een derde van de mondiale oogsten zijn afhankelijk van bestuiving.

Bijen halen hun proteïnen uit stuifmeel en hun koolhydraten uit de nectar. Ze voeden zich met wat bloemen te bieden hebben en zorgen 'en passant' voor de bestuiving. In regio's zonder bijen of waar de bij is uitgestorven, dient de mens zelf te zorgen voor de bestuiving van de gewassen.

Wereldwijd telt men meer dan 20.000 bijensoorten. De overgrote meerderheid hiervan brengt het grootste deel van hun leven ondergronds door of verstopt in holle boomstammen. Weinig soorten hebben een sociaal ontwikkeld dat vergelijkbaar is met dat van de honingbij.

Al meer dan 50 miljoen jaar zorgen bijen voor bestuiving en de productie van honing. Dit hebben ze te danken aan enkele uitstekende natuurlijke verdedigingsmechanismen en hun unieke hygiëne. Ze gebruiken ook hars (propolis), een natuurlijk antibioticum dat sinds mensenheugenis ook door de mens gebruikt wordt.

Nu blijkt dat de bijenpopulatie drastisch achteruit gaat en zelfs massaal begint te verdwijnen, is het duidelijk dat er iets grondig mis loopt. Instinctief weten we allemaal dat we het ons niet kunnen veroorloven om dit te laten gebeuren.

Wat is er aan de hand? Bijen sterven uit door een veelvoud aan oorzaken die bovendien ook onderling interageren.
We hebben voldoende gegevens over de honingbij en gebruiken deze soort dan ook als referentie.


Vandaag staan er in de Westerse wereld twee keer minder bijenkasten dan in 1945. De reden daarvoor ligt onder meer in de veranderingen in de landbouw. We planten niet langer bodembedekkers zoals luzerne en klaver en gebruiken steeds meer kunstmest. Zowel luzerne als klaver vormen echter een belangrijke voedingsbron voor bijen. Vanaf 1945 zijn we bovendien onkruidverdelgers gaan gebruiken in de strijd tegen 'onkruid'. Veel van dit 'onkruid' zijn echter bloeiende planten die bijen nodig hebben om te overleven. Daarnaast zijn we gestart met het cultiveren van monoculturen die een steeds groter wordend landbouwgebied beslaan. Boerderijen die vroeger een voedselparadijs waren voor de bijen, zijn herleid tot woestijnen met slechts 1 of 2 plantencategorieën.

Na de veranderingen in de landbouw, het gebruik van onkruidverdelgers en de opkomst van de monoculturen, volgde tot slot het gebruik van pesticiden. Na de oorlog zette men op grote schaal pesticiden in om de nefaste gevolgen van de toepassing van monoculturen tegen te gaan. Monoculturen vormen immers een paradijs op aarde voor ongedierte. Wetenschappelijke onderzoekers van Penn State University in de Verenigde Staten onderzochten de aanwezigheid van pesticiden in de klompjes stuifmeel die bijen meenemen naar de korf. In elk staal van meegebracht stuifmeel ontdekten ze minstens 6 opspoorbare pesticiden (bron:http://news.psu.edu/story/184500/2008/08/18/pesticide-buildup-could-lead-poor-honey-bee-health).

De situatie waarin de bij zich bevindt, is een ernstige waarschuwing aan ons adres. Hoeveel is er nog nodig om ook de gezondheid van de mens te bedreigen?

We kennen verschillende klassen van pesticiden. Neonicotinoiden is er daar een van. Dit type verspreidt zich doorheen heel de plant.

In de meeste gevallen wordt enkel het zaadje van de plant bespoten met insecticiden. De concentratie in de plant zelf, de nectar en het stuifmeel is dan ook beperkt. Bijen krijgen dus maar een lage dosis insecticide binnen. Hoewel deze dosis niet levensbedreigend of giftig maar kan ze wel een desoriënterend effect hebben. Hierdoor vinden bijen soms de weg naar de korf niet meer terug.

Alsof dit alles nog niet genoeg is, heeft de bij nog af te rekenen met haar eigen ziekten en parasieten. Vijand nummer 1 is de varroa destructor, een bloedzuigende parasiet die het immuniteitssysteem van de bij aanvalt en virussen overdraagt.

Een laatste bedreiging voor de bijen komt van hun 'beste vriend', de imker. Bijen hebben de mens nooit nodig gehad. Voor hen betekent de menselijke hand in hun leven dan ook een bijkomende aanpassing. We moeten leren om samen met de bijen te leven op het ritme en volgens de wetten van de natuur waaraan zij zich al altijd hebben aangepast. De imker is dan ook slechts een 'hoeder' van de bijen, niet de meester.

De dreiging met uitsterving geldt voor alle bijen én alle andere dieren die zorgen voor bestuiving. We hebben deze allemaal nodig.


Bron: http://www.ted.com/talks/marla_spivak_why_bees_are_disappearing.html